Een boeiend verhaal kan niet zonder dialogen. In een roman, in een krantenartikel, in een reportage. Doet er niet toe. Maar hoe schrijf je dan dialogen die je verhaal voortstuwen, die iets toevoegen? Je leest het hieronder.
Ik weet nog goed hoe ik les kreeg van een docent van de School voor Journalistiek in Tilburg. Als opfriscursus, toen ik nog in dienst was bij een dagblad.
Samen met een aantal collega's luisterden we naar een zelfvoldane, wat arrogante man, Johan genaamd. Hij ging ons professionals wel even vertellen hoe dat wél moest, een goed krantenartikel schrijven.
Hij vertelde van alles, maar wat ik van die schrijfcursus vooral heb onthouden, is dat je niet met grote stelligheid kunt beweren hoe je iets 'moet' schrijven.
Een tekst is per definitie een creatief product. Die is niet zwart of wit, goed of fout. Je kunt erover debatteren, discussiëren.
Eén van de dingen die hij ons vertelde, is dat het 'veel beter' is dialogen te schrijven waarin je als schrijver steeds een attributie (of dialooglabel) toevoegt als volgt: 'verzuchtte hij', 'gromde hij', 'mijmerde hij', 'sprak hij ontgoocheld', 'riep hij uit', et cetera. Dit in plaats van 'zegt hij', of varianten daarop.
Zijn redenatie was dat je daarmee een emotionele lading geeft aan de tekst. Dat het de tekst levendiger zou maken.
'Zegt hij', 'zegt zij', zouden saai zijn en dus 'fout'.
Wat mij betreft is dat klinkklare onzin.
Mijn redenatie: als je een goede dialoog schrijft, wordt uit de dialoog duidelijk met wat voor emotie iets gezegd wordt. Die hoef je dan dus niet te benadrukken.
Moraal van het verhaal: de tips in deze post zijn slechts tips, niets meer dan dat. En al zeker niet de 'waarheid'. Maar hopelijk helpen deze richtlijnen je bij het schrijven van een boek en in het bijzonder bij het schrijven van dialogen.
Belangrijkste punten van deze post:
Als je een verhaal schrijft, vormen dialogen de hartslag van je verhaal. Ze brengen informatie over het verhaal naar de lezer, brengen je personages tot leven en zorgen voor dynamiek.
Dialogen hebben een cruciale functie: ze maken je verhaal levendig en zorgen voor informatieoverdracht tussen personages. Een goede dialoog geeft niet alleen weer wat je personages zeggen, maar ook hoe ze het zeggen.
Daarbij centraal staan subtekst (de impliciete of onderliggende betekenis van een tekst) is een belangrijk deel van karakterontwikkeling tijdens het schrijven van een boek. Ze onthullen persoonlijkheden en drijfveren. Vaak is wat niet gezegd wordt net zo belangrijk als de woorden die wel worden uitgesproken.
Voor het schrijven van een dialoog waarin ieder personage dingen kan zeggen die relevant zijn is het essentieel dat je de structurele elementen begrijpt tijdens het schrijven van een boek, bijvoorbeeld.
Hieronder valt correct gebruik van aanhalingstekens en komma’s, maar ook de uitdaging om een sterke dialoog te creëren die natuurlijk klinkt en bijdraagt aan de ontwikkeling van je verhaal.
Let op hoe je met aanhalingstekens werkt:
Door een goede observatie van de realiteit en goede kennis van je personages kun je dialogen schrijven die authentiek aanvoelen. Vergeet niet dat je lezers willen zien hoe personages op elkaar reageren, waardoor jouw dialogen de vitale delen van je verhaal worden.
Overigens nog een opmerking over de komma binnen de aanhalingstekens van de dialoog: "Het wordt mooi weer," zei hij is correct, volgens de ELDA-regel (eerst leesteken, dan aanhalingsteken).
Maar in mijn eigenwijsheid schrijf ik de komma altijd na de aanhalingstekens. Want hoe kan de komma nu onderdeel zijn van een citaat als je de komma gebruikt voor attributie? Ik zou dus schrijven: "Het wordt mooi weer", zei hij.
Het is maar ter overweging.
In jouw verhaal is het cruciaal dat elk personage een eigen, duidelijke stem heeft. En dat deze stemmen af en toe inspringen en elkaar onderbreken. Dit maakt je dialoog niet alleen geloofwaardig, maar ook levendig en boeiend.
Geef iedereen in je verhaal een duidelijke eigen stem. Dit betekent dat een personage welbespraakt kan zijn, of misschien meer een type is dat mompelt en struikelt over woorden.
Denk na over de manier van praten die past bij zijn of haar achtergrond, ervaringen en persoonlijkheid; dit laat je lezer zien dat de personages echt zijn.
Laat je personages meer onthullen dan alleen de woorden die ze zeggen. Maak gebruik van subtekst - wat ze echt willen zeggen maar niet direct uitspreken. Dat kan een innerlijke overtuiging zijn of een verborgen agenda.
Zorg dat de manier waarop jouw personages spreken en dingen zeggen consistent blijft. Als een personage begint met een bepaalde spreekstijl, laat die dan niet ineens veranderen. Tenzij je daar een goede reden voor hebt in je verhaal.
Stopwoordjes en herhalingen zijn niet alleen realistisch, ze geven diepte aan de spraak van je personages. Iemand kan bijvoorbeeld vaak 'eigenlijk' of 'weet je' zeggen. Dit maakt het dialoog natuurlijk klinkt en geeft je lezer een subtiel inzicht in wie ze zijn.
Denk er wel aan niet overmatig te herhalen; je wil dat de dialoog natuurlijk aanvoelt. Geen enkele dialoog in het echte leven is vol van herhalingen.
Als je goede dialogen wil schrijven, zijn er een paar technische details die je dialogen natuurlijker en dynamischer maken. Lees en herlees je geschreven dialoog even. Ga na hoe je de dialoog met actie afwisselt, en hoe je effectief dialooglabels of attributie inzet.
Dialogen worden levendiger als je ze afwisselt met acties. Dit helpt om een subtekst te laten ontstaan en de onderliggende emotie of spanning te tonen.
Dialooglabels helpen te verduidelijken wie er spreekt, maar gebruik ze niet te veel, want dat kan afleiden van het verhaal.
Door deze technieken toe te passen, schrijf je dialogen die je verhaal versterken en je personages tot leven brengen. Lees je dialogen hardop voor om te zorgen dat ze natuurlijk klinken en goed vloeien.
Als je dialogen schrijft, is het belangrijk om ervoor te zorgen dat ze natuurlijk klinken en relevante informatie bevatten. Dit zonder je lezer te overladen. Het kan handig zijn om het gesprek niet constant over één onderwerp te laten gaan.
Laten we eens kijken hoe je jouw dialogen kunt aanscherpen en bijschaven tot ze bijna hoorbaar zijn.
Om je dialoog natuurlijk te laten klinken, moet je goed letten op hoe mensen in het echte leven praten. Voor sommige schrijvers kan dit betekenen dat ze gesprekken afluisteren in cafés of terugdenken aan eigen conversaties om ervoor te zorgen dat hun geschreven dialoog past. En dat ze het onderwerp niet te letterlijk benaderen.
Zorg dat je personages af en toe (kort!) ook over koetjes en kalfjes praten – niet elk woord hoeft van levensbelang te zijn. Dit maakt de uitwisseling geloofwaardiger.
Informatie over de personages of het verhaal kun je subtiel verwerken in je dialogen. Maar pas op dat het niet gekunsteld overkomt. Als je wil dat je lezer iets te weten komt, probeer het dan op een manier in te passen die past bij hoe je in het echte leven informatie zou delen.
Een dialoog is geen info-dump; verspreid belangrijke details geleidelijk.
Voorbeelden:
Een dialoog hoeft niet perfect te zijn. Een dialoog die te glad is, waarbij personages elkaar nooit onderbreken, niet aarzelen of stotteren, kan onnatuurlijk overkomen.
In het echte leven praten we rommelig – we corrigeren onszelf, maken zinnen niet af en laten ons soms leiden door emoties die onze woorden kleuren.
Dus:
Als je dialogen schrijft, is het belangrijk om rekening te houden met juridische zaken zoals privacy en het gebruik van persoonsgegevens, en de regels rondom intellectueel eigendom.
Let op dat je bepaalde informatie niet openbaar maakt zonder toestemming en dat je correct citeert.
Bij dialogen kan het voorkomen dat je het gesprek op een ander onderwerp wilt brengen. Of dat je adresgegevens of andere persoonlijke informatie moet noemen. Ben zorgvuldig en zorg dat je voldoet aan de privacywetgeving.
Denk aan het opstellen van een privacy-statement voor je website of blog waarin je vertelt hoe je met persoonsgegevens omgaat. Dit is niet alleen respectvol naar de personen over wie je schrijft, maar voorkomt ook juridische problemen.
In je dialogen mag je niet zomaar andermans woorden of teksten overnemen. Zorg ervoor dat je altijd aanhalingstekens gebruikt bij citaten.
Als je jouw dialogen schrijft, zoek dan naar eerlijke kritieken en praktische tips om het gesprek af te wisselen en subtekst te laten ontstaan.
Dit kan door je werk te delen met een online schrijfgroep zoals schrijven online om van lezers te vernemen hoe je personages overkomen. Verwerk de feedback die je krijgt en lees niet alleen de positieve commentaren, maar vooral de kritische.
Als je ergens leest dat jouw personage niet echt overkomt, vraag dan waarom de lezer dat vindt en pas het aan.
Begin met een duidelijk doel voor je dialoog. Vraag je af wat de dialoog moet bereiken in het verhaal, dit zal helpen je verhaal vooruit te brengen. Moet het informatie onthullen, de plot vooruit helpen of de karakterontwikkeling ondersteunen? Dit kan je beter leren in een schrijfcursus. Start het gesprek met een natuurlijke uitwisseling en laat de conversatie zich organisch ontvouwen.
Zorg ervoor dat elke dialoog een functie heeft en bijdraagt aan de ontwikkeling van je personages of het verhaal. Wees beknopt en vermijd onnodig lange uitwisselingen die niets toevoegen. Realisme is ook cruciaal: mensen spreken zelden in complete, grammaticaal perfecte zinnen.
Gebruik actietags en beschrijvingen om de setting en de emoties te schetsen. Varieer in spraakpatronen en ritme tussen personages om individualiteit te bevorderen. Laat ook non-verbale communicatie zien, zoals lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen, om extra diepte geven aan de uitwisseling.
Leer je personages goed kennen. Wat zijn hun achtergronden, interesses en manier van spreken? Hun woordenkeuze, dialect en zinsbouw moeten passen bij wie ze zijn, dit is een manier om ervoor te zorgen dat je lezer de personages kan 'zien' en dat de personages komen tot leven. De dialoog moet ook laten zien hoe ze op situaties en andere personages reageren, conform hun karaktereigenschappen.
Luister naar echte conversaties en let op hoe mensen praten, welke woorden ze gebruiken en hoe ze zinnen afbreken om een gesprek op een ander onderwerp te brengen. Probeer de flow van een echte conversatie na te bootsen - soms rommelig, vaak vol met onderbrekingen en zelden perfect.
Vermijd onrealistisch lange monologen en te formeel taalgebruik, tenzij dit past bij het personage. Wees ook voorzichtig met de hoeveelheid jargon of slang, die kan afleiden tijdens een dialoog omdat het onderwerp van zo'n dialoog al belastend genoeg kan zijn. Zorg dat je dialogen niet alleen expositie zijn; laat personages niet enkel informatie spuien die de lezer moet weten. Dit is ook een manier om je verhaal vooruit te brengen.
LAATSTE AI-NIEUWS
Exclusieve whitepapers en e-books met waardevolle kennis en AI-prompts - ontwikkeld om direct resultaat te leveren.
Je kunt deze krachtige tools zo downloaden.
➡️ Ga naar de producten-pagina en profiteer nu!